|
LEESPLUIM VAN DE MAAND JUNI 2009 Konijn uit de hoed, tekst en illustraties Annette LeBlanc Cate, vertaling Annelies Jorna (Van Goor)
Een al wat oudere stadsbuurt: wat woonhuizen, een paar
winkels, een statig herenhuis dat betere tijden heeft gekend, achter het
verlichte zolderraam het silhouet van iemand met een hoge hoed, op de
achtergrond de hoogbouw van de grote stad. Tot zover de titelpagina. Dan
begint het verhaal, op de zolderkamer, achter het verlichte raam. Daar
wonen Rob en Kootje, een jongeman en een konijn. Rob is goochelaar, met
hoge hoed, en Kootje is onderdeel van de voorstellingen die op straat
plaatsvinden. Tijdens zo’n voorstelling gebeurt er een ongelukje: een
evenwichtskunstenaar met hondje botst tegen de goochelaar op, het konijn
valt uit de hoge hoed, het hondje gaat het konijn achterna en in een
oogwenk zijn beide dieren in de drukte verdwenen. Kootje slaagt erin
zijn belager af te schudden, maar hij is wel de weg kwijt. Het wordt
avond en nog steeds heeft Kootje zijn goochelaar niet teruggevonden. Tot
hij de toversterretjes ziet die altijd met het konijn uit de hoge hoed
komen. Kootje volgt het spoor en op een verrassende manier vindt hij Rob
terug. |