|
LEESPLUIM VAN DE MAAND SEPTEMBER 2010 Aadje Piraatje, tekst Marjet Huiberts, illustraties Sieb Posthuma (Gottmer)
Een bijzonder gezelschap, dat is wel het minste wat je
kunt zeggen over de bemanning van het piratenschip. Behalve Aadje
Piraatje en zijn vader zijn daar nog Jan-zonder-hand, Joop-houten-poot,
Goof-zonder-oog, Stille Cornelis en zo nog een handvol. Dan is er nog
een meeuw die van bladzij tot bladzij alles in de gaten houdt en, ver
weg op een eiland, de moeder van Aadje. Wie typische piratenactiviteiten
verwacht komt bedrogen uit. Geen flitsende vechtpartijen, schatten
opgraven, of schepen kapen. Je kunt het boek eerder zien als een
handleiding voor piratenvaders bij het opvoeden van hun piratenzoon.
Vijf hoofdstukjes geven een beeld van de problemen die zich daarbij
kunnen voordoen en de titels ervan zijn veelzeggend: zwemles,
schildpaddensoep, heimwee, huisdier, wasbeurt. Hoewel, vader piraat die
zijn zoontje zwemles geeft aan een vishengel, in een zee waar haaien op
de loer liggen… ik zie het de doorsnee Nederlandse vader niet zo gauw
doen. Maar die hoeft zijn zoon ook niet tot piraat op te voeden. En wat
te denken van Aadje die geen schildpaddensoep lust maar pas van tafel
mag als hij zeven hapjes heeft gegeten. Een wel heel herkenbare
situatie. Maar dan: “Stille Cornelis telde af met zeven harde scheten.”
Ja, met zo’n begeleiding moet het wel lukken. |