Nieuws

Mag Rob van Erkelens de DJP delen met Willy Vlautin?

18 april 2012

Komende donderdag, 19 april, wordt bekendgemaakt wie de winnaars zijn van de Dioraphte Jongerenliteratuur Prijs (DJP). Vanaf nu stellen we dagelijks een kanshebber aan je voor. Vandaag de laatste kanshebber: vertaler Rob van Erkelens.

Rob van Erkelens 1993 / Foto: Chris van Houts

Behalve schrijvers maken bij de DJP ook vertalers kans op een geldprijs (7.500 euro). Bijvoorbeeld Rob van Erkelens, behalve eindredacteur bij weekblad De Groene Amsterdammer, ook vertaler, onder meer van het genomineerde boek De ruwe weg van de Amerikaanse schrijver Willy Vlautin.

Was De ruwe weg een moeilijk te vertalen boek?
‘Het was niet het moeilijkste boek dat ik heb vertaald. Dat heeft te maken met de manier waarop het wordt verteld, met de stijl en met het genre, een young adultsroman. Een jeugdboek is voor mij iets anders dan een serieus literair boek. Ik heb nooit jeugdboeken vertaald, wel romans die zich afspelen in een wereld die wordt bevolkt door jonge mensen, en waarover wordt verteld door jonge mensen. Bijvoorbeeld Spidertown van Abraham Rodriguez. De vertaling van Lean on Pete was moeilijk, want elke vertaling is moeilijk. Dat is het fascinerende ervan en dat is ook de reden dat ik het graag doe. Ik verveel me namelijk nogal snel, dus ben ik blij als ik een boek onder handen heb dat me scherp houdt, en dat ik niet op de automatische piloot kan vertalen. Dat kon in dit geval namelijk niet. Het is een verraderlijke roman: het lijkt allemaal behoorlijk eenvoudig, en transparant. Het is een verhaal over een jonge jongen, verteld door diezelfde jonge jongen, die - en dat is het belangrijkste voor mij als vertaler - een stijl en een vocabulaire hanteert die bij hem passen. Zijn taal is onopgesmukt, niet bloemrijk. Hij gebruikt geen metaforen, probeert niet om de lezer op het verkeerde been te zetten; hij is wie hij is, en hij vertelt zoals hij vertelt. Dat is natuurlijk ook de kracht van het boek: Charley is een enorm boeiende protagonist, die tegelijk ontroerend en stoer en hulpeloos en ijzersterk is; die de wereld wil overwinnen maar ook bang is voor die wereld; die vlucht voor alles en iedereen maar ergens in zichzelf de kracht vindt om het bestaan te aanvaarden, wat voor slechte dingen er ook gebeuren. We gaan, kortom, steeds meer van Charley houden naarmate het verhaal vordert.
Ik vond het een uiterst prettig boek om te vertalen. Het is geschreven in een heldere, eerlijke echte-mensen-stijl. De dialogen kloppen. Een van de ergste dingen in de literatuur zijn schrijvers die dialogen neerzetten die je nooit van je leven in het echt zou horen. Dan haak ik, als lezer, meteen af. Dat is het mooie van De ruwe weg: het zijn geen verzonnen papieren praatjes. Het voelt als echt, als authentiek. Charley is een ijzersterk personage, levend, springlevend en de liefde waard. De liefde van de lezer, en ook van de vertaler, in dit geval.´

Aan welke boekvertaling werk je op dit moment?
´Geen. Ik ben mijn nieuwe roman aan het afmaken, dat is nu even het belangrijkste. Ik ben niet alleen vertaler, maar ook schrijver. Ik heb er alleen nogal lang over gedaan om na mijn debuut, dat uitkwam in 1993 geloof ik, een volgend boek te publiceren. Ik heb er wel aan gewerkt in de afgelopen jaren, en het is inmiddels uitgegroeid tot een project van honderden pagina´s, en de taak die ik mijzelf nu heb gesteld is om er eindelijk eens een punt achter te zetten, een eind aan te breien en het aan mijn onvolprezen uitgever te geven. Zo zit het dus.´

Wat is je lastigste vertaalprobleem ooit geweest?
´Ja, daar vraag je me wat. Ik heb veel lastige vertaalproblemen meegemaakt, ook omdat ik op een of andere manier altijd boeken kreeg waarin slang werd gesproken, of die zich afspeelden in een of andere subcultuur met bijbehorend jargon. Dat is altijd het grootste probleem voor de vertaler: hoe kun je in godesnaam een Amerikaanse subcultuur geloofwaardig in het Nederlands portretteren? Het gaat om dat ‛geloofwaardig´, denk ik. Want je kunt nu eenmaal nooit perfect een equivalent maken van een wereld die bestaat in een andere taal dan de jouwe. Ik heb honderden lastige vertaalproblemen meegemaakt, en die allemaal op een of andere manier opgelost, soms slecht, meestal goed, maar wat mij eigenlijk het meest boeit zijn de lastige problemen op theoretisch niveau. Ik bedoel: stel je voor, je vertaalt een scène, uit het Engels, bijvoorbeeld, waarin een paar vrienden in Londen in het café zitten en zo dadelijk naar huis willen met de taxi. In het Engels zitten ze dan Engelse grappen te maken (een probleem op zich) en ze drinken Engels bier (dat wij gelukkig ook kennen, dus Guinness kan Guinness blijven) en daarna vragen ze zich af hoeveel miles het is naar huis, en hoeveel pound dat kost - van die dingen. Je kunt wel van die miles kilometers maken, en van die pounds euro´s, maar dan blijf je je toch afvragen waarom Engelse mensen die in een café in Londen zitten in hemelsnaam Engels praten...
Ik bedoel: het lastigste vertaalprobleem is ontologisch van aard. Want Engelsen praten Engels en geen Nederlands. Daardoor kan de vertaler filosofisch in de knoop raken. Maar gelukkig zijn er uitgevers die dan zeggen: maak het nou niet zo moeilijk, mensen willen gewoon dit boek lezen.´

Of de jury de door Rob vertaalde hoofdpersoon Charley net zo hartveroverend vindt, horen we morgen, bij de prijsuitreiking.
Wil je alvast meer weten over De ruwe weg? Kijk dan hier.