Interviews

Elle van den Bogaart was vooral benieuwd naar reacties van jongens

01-04-2016

Afgelopen maand werden de genomineerden voor de Prijs van de Jonge Jury 2016 bekend gemaakt. Lijfstraf van Elle van den Bogaart is een van de kanshebbers. Op Leesplein vertelt ze hoe het is om voor de vijfde keer genomineerd worden voor deze prijs.



Gefeliciteerd met je nominatie voor de Prijs van de Jonge Jury! Het is de vijfde keer dat je bent genomineerd. Hoe voelt dat?
En het voelt goed oeh oeh. Het gegeven dat zoveel jongeren op mijn boek hebben gestemd, maakt me blij. Ik heb één van de boeken geschreven dat door de jongeren zelf werd voorgedragen als leestip. Het zou zomaar kunnen dat ik door de vele schoolbezoeken van Groningen tot Limburg de aandacht van leerlingen heb weten te trekken voor mijn verhalen. Het is echt superleuk als jongeren je boek leuk of goed vinden.

Voel je je thuis tussen de andere genomineerden?
Ja, zeker! Ik heb met Mel en Caja al eerder op het podium van de Jonge Jury mogen staan. Rom heeft het jaar voor mij de debutantenprijs gewonnen en zit ook bij uitgeverij Holland. Niki Smit wil ik heel graag leren kennen. We zien elkaar ook regelmatig tijdens schoolbezoeken. Het zijn leuke, lieve en vakbekwame collega’s.

Heb je bijzondere reacties van lezers ontvangen op Lijfstraf?

Ik was vooral heel erg benieuwd naar de reacties van jongens. Willen of durven zij wel een boek te lezen over een jongen die worstelt met zijn geaardheid? En áls ze het wel kiezen, durven ze er dan over te praten? De eerste keer dat ik in een klas vertelde dat ik een boek had geschreven over een jongen die gepest wordt, omdat ze denken dat hij homo is, werd het heel stil in de klas en alle hoofden draaiden naar achter. Eerlijk gezegd overviel me dat en twijfelde ik wat te doen. Een meisje riep: ‘Dat gebeurt hier ook.’ Op zulke momenten is het zo fijn als er over doorgepraat kan of mag worden.
Ik heb ook meegemaakt dat een jongen riep: ‘Ik hoef dat verhaal niet te horen. Ik haat homo’s.’ Hij had gelukkig wel het lef om meer over zijn gevoelens te vertellen. Wat ieders mening ook is: als erover gepraat kan worden, voelt dat goed.

Je gaat soms erg ver om een waarheidsgetrouw boek te schrijven, zoals met tape op je mond geplakt zitten schrijven. Heb je zoiets ook gedaan voor Lijfstraf?
Nee, dit keer waren er geen rare capriolen voor nodig.

In 2009 vertelde je op Leesplein waarom je over probleemjongeren schrijft. Je sloot af met de vraag of jongeren het misschien verdienen om ze af en toe met iets meer vrolijkheid in je boeken te beschrijven. Denk je dat je hier in slaagt?
De onderwerpen van mijn boeken waren en zijn nog steeds erg heftig en confronterend. Daar horen in eerste instantie geen vrolijke gevoelens bij. Toch heb ik ervaren dat jongeren na het lezen van een drama vaak ook een opgelucht, blij gevoel kunnen krijgen. Dat heeft dan te maken met het besef dat ze zelf niet in de probleemwereld waarover ik schrijf zitten.
Maar om op de vraag terug te komen: niet helemaal. Wie weet in het volgende boek?

Ah, een volgend boek! Kun je daar al iets over vertellen?
Ik ben me op dit moment aan het oriënteren. Tijdens de schoolbezoeken heb ik regelmatig de vraag gesteld of iemand een goed thema weet voor een nieuw boek. Leerlingen komen vaak met fantastische ideeën. Ik heb ze op een lijstje staan en durf nu al te zeggen dat het een van deze onderwerpen wordt. Dank je wel! Oh ja, ze willen dan wel een bepaald percentage van de opbrengst. Daar zal ik nog even over nadenken.

Lees meer over Elle van den Bogaart.