Leestips

Gruwelijk Enge Leestip: En toen kwamen de monsters

7 oktober 2017

Grib woont op de autosloperij van Jesses vader. Hij is een klein, bang monstertje. Jesse is juist weer bang voor monsters. Op een dag komt Grib in de kast van Jesse wonen.

Jesse heeft last van pestkoppen in de klas. Zijn vader, die een autosloperij heeft, heeft last van de buren Fausto en Bevonia. En Grib, een klein monstertje dat samen met enkele anderen stiekem op de sloperij woont, heeft er last van dat hij altijd de rotklusjes moet opknappen. Hoe kunnen ze zich hieruit redden?

Grib zoekt de hele nacht naar een schuilplaats. De tijd begint te dringen. Straks wordt het licht en dan versnipt hij tot een snippertje van een snippertje. Zo weinig blijft er over van een monster bij daglicht. Bijna niets. [...]
Daglicht is gevaarlijk. Maar Beukers zijn nog gevaarlijker. Zij zijn het grootste gevaar voor monsters.


Uiteindelijk kruipt Grib in een kist in de slaapkamer van Jesse. Als die de volgende dag onverwacht thuiskomt, kunnen Grib en Jesse elkaar niet meer ontwijken. Grib smeekt of Jesse hem niet wil beuken. En Jesse smeekt of Grib hem niet wil opeten. Hoe kan dat nou? Zijn ze bang voor elkáár?

Als blijkt dat Grib Jesses hulp nodig heeft, besluiten ze om samen te spannen. Ze geven de andere monsters een lesje monsterbeuken voor gevorderden. Uiteindelijk wordt het een spannende nacht op de sloperij waar niet alleen monsters maar ook mensen een lesje leren.

En toen kwamen de monsters
is geschreven en getekend door Harmen van Straaten.

Meer gruwelijk enge verhalen vind je in de lijst Kinderboekenweek 2017: Griezelen.