Interviews

Interview: Erik van Os en Elle van Lieshout - hoe beter je je eigen ego los kunt laten, hoe mooiere dingen je maakt

01-02-2017

Al jaren schrijven Erik van Os en Elle van Lieshout samen verhalen en gedichten. In januari ontvingen ze een KIDDO-leespluim voor hun boek Niets liever dan jij. Remke Keizer sprak ze hierover.


Elle en Erik, foto: Lot van Os

Onlangs is de dichtbundel Niets liever dan jij verschenen. Veel gedichten gaan over mama’s en papa’s. Waarom is dat?
We wilden het eigenlijk heel klein houden, gezinssituaties. Met de nadruk op een kleine veilige wereld waarin jonge kinderen opgroeien. Hun wereld van papa’s, mama’s en grootouders, spelen, eten, slapen.

Wie of wat was jullie inspiratiebron voor Niets liever dan jij?
De taal en het dagelijks leven om ons heen. Hele gewone dingen die om ons heen gebeuren, inspireren ons. We kunnen niet van alle gedichtjes zeggen hoe ze ontstaan zijn maar zoals in het gedichtje Een kruimeltje verdriet staat dat je in een café bij de koffie altijd een koekje krijgt, maar bij de appelsap niet. Dat herkent iedereen en daar schrijven we dan een gedichtje over.

Hoe komt een gedichtenbundel tot stand?
We wilden graag een boek maken met gedichtjes over een gezin. Om dit boek een originele draai te geven ga je dan kijken welke gedichtjes er wel in passen en welke niet en wat voor soort illustraties passen bij de gedichtjes. We zijn gaan zitten met onze uitgever en illustrator Marije Tolman. Zo ontstond dan een selectie waarin ieders wensen en voorkeuren een plek kregen. Marije koos er voor om dieren in de hoofdrol te plaatsen en daardoor pasten bepaalde gedichtjes niet in de bundel. Er was bijvoorbeeld een versje bij over haren tellen van een kale opa. Dat kwam er niet in, want er zijn geen behaarde dieren die van ouderdom helemaal kaal worden, of ze zijn doodziek en dat is niet fijn om te tekenen. Zoiets groeit langzaam. En we misten op het einde ineens nog bijvoorbeeld een gedichtje over een oma en het teveel gebruiken van een bepaalde rijmklank kan er ook voor zorgen dat sommige gedichten niet in de bundel zijn opgenomen.
Wij hebben hier een archief en daar liggen gedichten soms jaren op een plank en dan opeens komen ze samen in een bundel. Dat is hier bij deze bundel ook gebeurd. Bijvoorbeeld het gedichtje Bedtijd is al elf jaar oud.

Niets liever dan jij is in de prijzen gevallen. Een KIDDO-leespluim hebben jullie ontvangen in januari. Welke prijs heeft voor jullie een bijzondere waarde?
Elle is daar heel nuchter in en is daar niet zo mee bezig. Zij schrijft en houdt zich nauwelijks met publiciteit bezig. Het ontvangen van prijzen is voor Erik in die zin belangrijk dat het vooral werk en verkoop genereert. Het biedt nieuwe mogelijkheden. Een gouden griffel ontvangen is natuurlijk prachtig. Maar het krijgen van subsidie van het Fonds voor de Letteren was voor Erik misschien nog wel een grotere erkenning voor het werk dan het krijgen van een prijs. We zijn vooral heel dankbaar dat we al 25 jaar dit werk mogen doen en dat we er een goed leven door leiden en dat vinden we fantastisch. En dat we –als de zon schijnt- gewoon buiten in de tuin of ergens wandelend in het bos kunnen schrijven.

Jullie schrijven meestal samen. Wat is ieders aandeel in jullie samenwerking?

‘We hebben eerder gezegd: ‘zonder elkaar hadden we die boeken niet geschreven’. Ik Erik ben heel erg van de invallen en de gekke invalshoeken. Elle is heel helder en van de beschouwingen van hoe absurd de werkelijkheid is, ze kan zich veel langer concentreren. Van nature kan ik makkelijker versjes maken dan lange verhalen, dat kost me minder moeite. Ik ben sneller afgeleid, Elle laat zich door niets of niemand van haar werk houden. Ik geef veel lezingen en ik maak muziek en Elle zit niet te wachten om drie keer per week ergens in Nederland voor te lezen. Het is eigenlijk heel moeilijk om in woorden te vatten wat ieders aandeel is in onze samenwerking. Het is zoals het is: cliché gezegd: één en één is meer dan twee. Wat ik wel geleerd heb is, hoe beter je je eigen ego los kunt laten, hoe mooiere dingen je maakt. En je hebt altijd direct de meest kritische redacteur aan tafel zitten.

Hoe weet je wanneer een gedicht af is, wanneer ben je tevreden?
Soms weet je het na een jaar nog niet en soms weet je het na tien minuten. Het is een gevoelskwestie. Antoine de Saint-Exupéry: ‘Perfectie wordt niet bereikt als er niets meer valt toe te voegen, maar als er niets meer valt weg te nemen.’ Dat is onze leidraad. Je moet weten (lees: voelen) wanneer je er niets meer aan moet veranderen, anders ga je het kapot schrijven. Ik heb ooit een gedicht geschreven De pinguïn en de papegaai en dat heb ik in tien minuten voor de televisie geschreven. Het bleek een grote hit en ik heb er dankzij Plint al heel wat geld mee verdiend. In Niets liever dan jij was de appelsap in het gedichtje Een kruimeltje verdriet in eerste instantie cola. Onze uitgever adviseerde ons toen voor appelsap te kiezen omdat de meeste ouders waarschijnlijk eerder appelsap voor hun kleuter bestellen dan cola. Dit gedichtje was eigenlijk al af maar nu met appelsap nog beter.En we hadden in Niets liever dan jij teveel mama’s in de gedichtjes staan. Toen hebben we gekeken of we een mama in een papa konden veranderen zonder het gedichtje te kort te doen. In het gedichtje Smakelijk eten over tafel dekken op de grond hebben we dat gedaan, voor het evenwicht.

Waar werken jullie nu aan?
De tweede roman voor volwassenen, een vervolg op Tante waar Elle nu aan werkt komt waarschijnlijk volgend jaar uit. Erik is bezig met een dichtbundel voor volwassenen en een Tilburgs kinderboek. We werken ook nu samen met een Vlaamse illustrator. Wij leveren tekst bij haar tekeningen. We gaan dit jaar naar het buitenland om rustig aan onze nieuwe boeken te werken en lezingen te geven. Ook verschijnt er dit jaar een boek bij Lemniscaat van ons dat Diere-liere-liedjes heet met prachtige illustraties van Alice Hoogstad.

Klik op Niets liever dan jij voor meer informatie over het boek. Als je meer wilt weten over de auteurs, kijk dan in de auteursportretten van Erik van Os en Elle van Lieshout.