LEESPLUIM VAN DE MAAND

AUGUSTUS 2008

Ik voel een voet!, tekst Maranke Rinck, illustraties Martijn van der Linden (Lemniscaat)

Het is nacht en pikdonker. In een hangmat slapen vijf dieren: Schildpad, Vleermuis, Octopus, Vogel en Bok. Dan schrikt Schildpad wakker van een vreemd geritsel en fluistert: “Horen jullie wat ik hoor?” Consternatie in de hangmat. Die zwabbert heen en weer en de dieren vallen op de grond. Dicht bij elkaar blijvend gaan ze op onderzoek uit. Schildpad is de eerste die het ritselding dapper maar voorzichtig benadert. Zien doet hij niet, maar hij voelt iets: een voet! Een voet die op de zijne lijkt maar dan supergroot. Het geritsel moet dus van een supergrote schildpad komen. Vleermuis fladdert op en komt terug met de mededeling dat hij een enorme vleugel heeft gevoeld. Een heel grote vleermuis dus. Even later voelt Octopus een grote tentakel, Vogel een geweldige snavel en Bok een reusachtige sik. Conclusie: het ritselding is een Schild-Muis-Octo-Vogel-Bok. Dan barst er ineens een trompetterend gelach los en iedereen weet meteen: Olifant! Die verklaart hoe het kwam dat de dieren zich zo vergisten: ze dachten allemaal iets van zichzelf te herkennen. Het eindigt ermee dat ze tenslotte met z’n zessen in de hangmat liggen. En dan fluistert Olifant: “Horen jullie wat ik hoor?” Gauw naar de volgende bladzijde. Die is zwart, pikzwart als een nacht zonder maan en sterren. De lezer kan nu zijn eigen fantasie aan het werk zetten.
Het verhaal dat op een eeuwenoude afkomst kan bogen heeft in dit prentenboek een eigentijdse vorm gevonden. Het klinkt wat tegenstrijdig om een boek waarin het zwart zo dominant is als een feest van veelkleurigheid te bestempelen. Je hoeft maar een willekeurige bladzijde op te slaan om daarvan onmiddellijk overtuigd te zijn.