LEESPLUIM VAN DE MAAND

SEPTEMBER 2010

Aadje Piraatje, tekst Marjet Huiberts, illustraties Sieb Posthuma (Gottmer)

Een bijzonder gezelschap, dat is wel het minste wat je kunt zeggen over de bemanning van het piratenschip. Behalve Aadje Piraatje en zijn vader zijn daar nog Jan-zonder-hand, Joop-houten-poot, Goof-zonder-oog, Stille Cornelis en zo nog een handvol. Dan is er nog een meeuw die van bladzij tot bladzij alles in de gaten houdt en, ver weg op een eiland, de moeder van Aadje. Wie typische piratenactiviteiten verwacht komt bedrogen uit. Geen flitsende vechtpartijen, schatten opgraven, of schepen kapen. Je kunt het boek eerder zien als een handleiding voor piratenvaders bij het opvoeden van hun piratenzoon. Vijf hoofdstukjes geven een beeld van de problemen die zich daarbij kunnen voordoen en de titels ervan zijn veelzeggend: zwemles, schildpaddensoep, heimwee, huisdier, wasbeurt. Hoewel, vader piraat die zijn zoontje zwemles geeft aan een vishengel, in een zee waar haaien op de loer liggen… ik zie het de doorsnee Nederlandse vader niet zo gauw doen. Maar die hoeft zijn zoon ook niet tot piraat op te voeden. En wat te denken van Aadje die geen schildpaddensoep lust maar pas van tafel mag als hij zeven hapjes heeft gegeten. Een wel heel herkenbare situatie. Maar dan: “Stille Cornelis telde af met zeven harde scheten.” Ja, met zo’n begeleiding moet het wel lukken.
Kortom, het is wel een heel a-typische piratenwereld waarmee we hier te maken hebben. De glamour waarmee de Hollywoodfilms ons vertrouwd hebben gemaakt, ontbreekt hier volledig. Dat is in niet geringe mate te danken aan de hilarische illustraties van Sieb Posthuma die naadloos aansluiten op de tekst. Een prachtig zootje ongeregeld maar, ruwe bolster, blanke pit. Als Aadje heimwee heeft en met hulp van Jan-zonder-hand een brief aan zijn moeder schrijft, barsten ze allemaal in tranen uit als ze de regels “Mama, ik mis je. Mama, ik mis je zo.” horen voorlezen. Of het kinderen bij het voorlezen ook zo vergaat…?