LEESPLUIM VAN DE MAAND

AUGUSTUS 2011

Hoe Paul (per ongeluk) de poot van Piet brak, tekst Jonathan van het Reve, illustraties Marion de Man (Pimento)

Paul is een skater, een echte, met een capuchon over zijn hoofd. Zoals alle echte skaters laat hij ook graag zien hoe goed hij kan skaten. Aan de scholeksters op het strand bijvoorbeeld: ‘Kijk, met mijn handen in mijn zakken!’ Maar dan botst hij tegen zo’n vogel op en die breekt zijn poot. Een geschrokken Paul: ‘Sorry, gaat het?’ en een boze scholekster: ‘Of het gt? Nee, natuurlijk gaat het niet, mijn pootje is zowat doormidden!’ Paul neemt de scholekster, die Piet blijkt te heten, mee naar huis, legt een verband aan en stopt hem in bed. Geleidelijk ontstaat er een vriendschappelijke verhouding tussen de twee. Het genezingsproces verloopt voorspoedig en na een tijdje kan het verband eraf. Dan kunnen ze zich uitleven in plezierige spelletjes en rent Piet achter de skatende Paul aan. Het is een genot om te zien hoe ze met elkaar omgaan, de wat slungelige Paul en de tot mensenmaat uitvergrote Piet. Ja, ze sluiten zelfs officieel vriendschap, ook al heeft Paul de poot van Piet gebroken. Maar dat was per ongeluk. Piet merkt dan ook heel spits op: ‘als het niet was gebeurd, dan waren we nu toch geen vrienden geweest?’ En ze gaan een partijtje bokspringen. Dan is het verhaal afgelopen. Krachtig neergezet in al zijn eenvoud met geen andere personages dan Paul en de scholeksters. Maar dan staat er na het slot van het verhaal een klein fotootje van een scholekster met een gespalkt pootje. Genomen in juli 1971 op Rottumerplaat, een onbewoond eiland waar Jan Wolkers een week verbleef in het kader van een radioprogramma. Daar heeft hij ook werkelijk, net als Paul in het verhaal, een jonge scholekster met een gebroken pootje verzorgd. En zo wordt Hoe Paul (per ongeluk) de poot van Piet brak ook een warme herinnering aan Jan Wolkers.