LEESPLUIM VAN DE MAAND

FEBRUARI 2013

Nog een keer!, tekst en illustraties Emily Gravett (Van Goor)

Een tafereeltje dat u wellicht bekend voorkomt: u hebt uw peuter hoog boven uw hoofd opgetild en verrukt klinkt het: 'Nog een keer!' Het kind kan er niet genoeg van krijgen en u mag optillen tot u erbij neervalt. Zo gaat het ook bij een verhaaltje of versje dat u hebt voorgelezen. Al helemaal als het kind zichzelf erin herkend heeft. 'Nog een keer!' Nog een keer dat mooie verhaal, of, dat heerlijke intieme moment nog even rekken. Net als in de wereld van een mensenkind gaat het in de drakenwereld. Lees het in Nog een keer!

Het begint heel rustig. Voor het jonge draakje zit de dag er bijna op en nu komt de vraag aan mama draak een verhaaltje voor te lezen. Een idyllisch tafereel: moeder en kind komen knus bij elkaar, verdiept in een boek. Op de achtergrond het opengeslagen boek met illustraties. Dat voorleesverhaal gaat over het draakje Fred dat niet wil slapen, 's nachts allerlei streken uithaalt en aan het eind uitroept: 'Dat wil ik morgen dus NOG EEN KEER!' Een verhaal in een verhaal.

Mama draak ontkomt er niet aan haar drakenkind het verhaal nog een keer voor te lezen. Maar dan. Het begin klopt nog precies, maar dan neemt het verhaal een andere wending. Het wordt veel aardiger (let eens op de gezichtsuitdrukking van beide draken). Aan het eind herhaalt de situatie zich. Mama draak moet nog een keer voorlezen, maar ze krijgt er zichtbaar genoeg van. Ze kort het verhaaltje in en al voorlezend valt ze in slaap. Het drakenkind ontsteekt in woede, krijst in alle toonaarden 'Nog een keer!' en brengt ten slotte het ultieme drakenwapen in stelling. Het spuwt vuur en brandt een gat in de laatste bladzijden.

Op ingenieuze wijze laat Emily Gravett de twee verhalen zich gelijktijdig op de pagina's afspelen. Naarmate het verhaal vordert neemt ook de heftigheid van de illustraties toe en als het draakje in vlammende woede uitbarst, ben je geneigd je vingers terug te trekken. Bang ze anders te branden. Ja, een heerlijk heftig verhaal. Met voor mensenvaders en -moeders de gedachte dat het altijd erger kan.